| Tekst |
Heden den Zes en twintigsten Mei Achtienhonderd Vijf en Zeventig, zijn voor ons ondergeteekende, Ambtenaar van den burgerlijken stand der gemeente Ankeveen verschenen, ten einde een huwelijk aan te gaan, Theodorus Joannes Ketelaar, geboren te Ankeveen en wonende te Weespercarspel, werkman, oud drie en dertig jaren, meerderjarige zoon van Gerrit Ketelaar, werkman, en van Elisabeth Meester, zonder beroep, beiden te Ankeveen woonachtig -- en -- Rosina Veldijk,
geboren en wonende te Ankeveen, zonder beroep, oud een en dertig jaren, meerderjarige dochter van Jan Veldijk, boodschaploper,
en van Jantje van der Kroon, zonder beroep, beiden wonende te Ankeveen.
En hebben zij tot dat einde aan ons overgelegd, vooreerst: de akten waaruit blijkt, dat de bruidegom aan de Nationale Militie heeft voldaan
ten tweede: hunne geboorte extracten.
ten derde: de bewijzen dat de beide afkondigingen van dit Huwelijk te Weespercarspel en te Ankeveen op zondagen den zestienden en den drie en twintigsten mei dezes jaars zonder stuiting hebben plaats gehad.
Waarna wij hun hebben afgevraagd, of zij elkander aannemen tot echtgenooten, en getrouwelijk al de pligten zullen vervullen, welke door de Wet aan den huwelijkse staat verbonden zijn: hetwelk door hen, uitdrukkelijk met Ja, beantwoord zijnde, hebben wij in naam der Wet
uitspraak gedaan, dat zij door het huwelijk zijn vereenigd. In tegenwoordigheid van:
Jacob Hendrikus Molen, zeilenmaker, oud zeven en twintig jaren, aangehuwde broeder van de Bruid, Theodorus Meester, klompenmaker, oud twee en vijftig jaren, oom van de bruidegom, Theodorus Meester, klompenmaker, oud vijf en twintig jaren, neef van de bruidegom, en Peter den Hollander, gemeenteveldwachter oud drie en vijftig jaren zijnde deze en de eerste en tweede getuige te Ankeveen en de derde getuige te Weespercarspel woonachtig.
En is hiervan door ons opgemaakt deze akte, welke na voorlezing door ons en de comparanten is onderteekend.
Akte 1 |